De Achttiende Eeuw 40 (2008).
nr.1: Themanummer 'Ger-Manie'
E. Koolhaas-Grosfeld,
Verklaring der plaat
INGER LEEMANS en HANCO JÜRGENS, Waar is Schills hoofd gebleven? Nederlands-Duitse culturele uitwisseling in de lange achttiende eeuw
RIETJE VAN VLIET, ‘Geschichte einiger Esel’. Nederlands-Duitse boekhandelsrelaties in de tweede helft van de achttiende eeuw
PAUL KNOLLE, Duitse schilders in de ‘Hollandsche school’. Hun komst, verblijf en reputatie 1680-1820
ANNEMIEKE KOUWENBERG, ‘De kennis der Duitsche taal is, derhalven, voor een Geleerden, hedendaags onontbeerlijk’. De Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen en Felix Meritis als bemiddelaars tussen de Nederlandse en Duitse wetenschappen
BETTINA NOAK, Verhullen en ontsluieren. Christoph Martin Wielands gratia-theorie in de Brieven over verscheide onderwerpen van Rhijnvis Feith
J.W.H. KONST, De Weense vertaling (Ignaz Alberti: 1790-1791) van de lyriek van Jacobus Bellamy (1757-1786)
THOMAS VON DER DUNK, Incognito aber Stadtbekannt: Joseph II. auf Reisen in Holland
De digitale eeuw: Tempo: pamfletcollecties online beschikbaar
nr. 2.
KORNEE VAN DER HAVEN,
Verklaring der plaat
KORNEE VAN DER HAVEN en EVELINE KOOLHAAS-GROSFELD, Inleiding
WILLEM FRIJHOFF, Utrechts vreugdevuur, masker voor ’s Lands neergang?
JOOST KLOEK, Politiek pragmatisme versus religieuze rechtzinnigheid: De Oratio pro Comoedia van Pieter Burman en haar Utrechtse context
AD VAN DER JAGT, De Amerikaanse gezant William Vans Murray over de Bataafse Republiek 1797-1801
SIMON VUYK, De letterkundige reflectie van Jan Konijnenburg tussen 1813-1827
Berichten uit de geleerde wereld
ANAT HAREL, ‘De romantische inslag’. Gesprekken met de komende en vertrekkende hoogleraar vrijmetselarij: Anton van de Sande en Malcolm Davies
|