De Achttiende Eeuw 39 (2007).
nr.1
Verklaring der plaat
'Aan den lezer', 3-4.
Jacques Bos,
'
Karakter als politiek-antropologische categorie in het achttiende-eeuwse Nederland', 5-22.
Joost Rosendaal,
'Revolutionaire vrouwen gezocht! Een repliek op de kritiek van Myriam Everard', 23-32.
Myriam Everard,
'Twee ‘dames hollandoises’ in Trévoux. De politieke ballingschap van Elisabeth Wolff en Agatha Deken, 1788-1797', 147-167.
De Vertelde Achttiende Eeuw
Edwin van Meerkerk, De Verlichting ruikt naar schelvis, 38-39
Stand van zaken
Eric Jorink, Alles hangt met alles samen. Enige opmerkingen
over de achttiende-eeuwse verzamelcultuur in de Republiek, 40-49.
Berichten uit de geleerde wereld
Hanco Jürgens, Contesting Enlightenment Contested. Some questions and remarks for Jonathan Israel, 50-58.
Jonathan Israel, Replying to Hanco Jürgens, 59-69.
Peter Altena, ’t Lust mij …. Gesprek met André Hanou, 70-74.
Christophe Madelein,
'
Kant in de fout? Het verhevene in de Nederlanden', 75-91.
nr. 2.: Themanummer 'Sociabiliteit'
E. Koolhaas-Grosfeld,
Verklaring der plaat
Bert de Munck,
'
Motieven en vertogen van het middenveld. (Vroeg)moderne verenigingen in het middenveld tussen civil society
en sociaal kapitaal', 3-20.
Frederik Verleysen,
'
‘Het nooden van de Heeren.’ Een verkenning van verticale relatienetwerken en patronage
in de Antwerpse, Brusselse en Gentse corporatieve wereld', 21-40.
Tine de Moor,
'
Het belang van participatie voor economische sociabiliteit. Gemene gronden in het Vlaanderen van de achttiende en negentiende eeuw ', 41-60.
Hilde Greefs,
'
Informele netwerken van de zakenelite in Antwerpen, 1796-1830', 61-87.
Berichten uit de geleerde wereld
Het twaalfde ISECS-congres, 88-89
Encyclopedie van Nederlandstalige Tijdschriften 1600-1815, 90-91
De Vertelde Achttiende Eeuw
De avonturen van Henry II Fix: postmoderne leukigheid of perfide plagiaat?, 92-95
Omtrent bronnen
Jan Noordegraaf, Lambert ten Kate schrijft naar Dantsig. Brieven aan Johann Philipp Breyne, 96-101.
Scriptieprijs
Frédérique Brinkerink,
'De carrièrestrategieën van de Franse beeldhouwer Joseph Chinard (1756-1813)', 102-128.
|